Trekauto van de eeuw

Breda, februari 2012
Zo’n jaar geleden moest ik gaan nadenken over een nieuwe auto. De tiende zolang ik auto rijd en de achtste echte nieuwe. Noem het een tik, maar ik heb nooit hetzelfde merk gereden. Daar gaan we: Fiat 127, Simca 1100, Lada 1204 station, Peugeot 305 station, Nissan Primera station, Mitsubishi Spacewagon, Seat Alhambra, Opel Zafira, Honda CRV en dan nu deze nieuwe. De tomaatrode Fiat 127 vergeet je natuurlijk nooit. De eerste eigen auto, waarmee we samen met onze tent naar Normandië en Bretagne reden. Goh, wat voelden we ons vrij toen in de jaren ’70. De fijnste auto was de Spacewagon. Eigenlijk al een gedateerd model midden jaren ’90, maar die MPV reed wel heel erg lekker. Met 7 zitplaatsen ideaal om een half hockeyteam meiden mee te nemen. En wat heeft die auto een hoop gekwek moeten aanhoren. Maar goed, dat terzijde.
Wij hebben het traditionele rijtje tent, vouwwagen en caravan afgewerkt. De caravan kwam in 2001 na lang wikken en wegen. In 2000 hadden we er een gehuurd om te ervaren hoe het beviel. Ik wilde per se een hefdak caravan en zo kwamen we uit bij Eriba, Kip en Rapido. Het werd de Rapido met kopkeuken en een 2×2 meter zit/slaap gedeelte. We hebben er nooit spijt van gehad, sterker nog in 2010 op de caravan-beurs konden we nog steeds niets beters ontdekken. Lekker compact, laag zwaartepunt en relatief weinig luchtweerstand. Het totale gewicht blijft beladen ruim onder de 1000 kg.

Een nieuwe auto dus. Het is altijd weer een feestelijk gebeuren. Websites afstruinen, lijstjes maken in Excel en tenslotte van de kanshebbers brochures halen of – tegenwoordig – downloaden. Dat is nog maar de voorpret. Vervolgens naar de showrooms, proefrit maken, opties plussen en minnen, onderhandelen en dan uiteindelijk de knoop doorhakken. Deze keer extra zorgvuldig, want over een jaar of drie bereik ik de Drees leeftijd en dan wil ik de auto lang doorrijden. We zijn inmiddels al heel wat jaren gewend aan een hoge zit en dat streept lekker weg bij de kanshebbers. Alleen A en B labels kwamen in aanmerking en uiteindelijk haalden de Volkswagen Tiguan en de nieuw Ford C-max de eindstreep. Het werd de Ford. De proefrit met de 1.6 liter turbo benzine motor was indrukwekkend. Maar vooral het rijcomfort dat tussen de Franse en Duitse merken inzit beviel uitstekend. En tja, je kan de Ford C-max voor hetzelfde geld aanzienlijk leuker aankleden. 
Op een totale aanschafprijs van rond € 35.000 en volledig vergelijkbare uitrusting, is de VW 10% duurder. Omdat ik niet logo gevoelig ben, vond ik dat wel erg veel geld. De Ford had een belangrijke optie die ik zeker wilde hebben; het Towing Pack met wegklapbare trekhaak, blinde hoek detectie, aanhanger stabilisatie, heuvel-op-wegrij-hulp en bandenspanning controle. Daarover straks meer. Voor de zekerheid ook nog even checken op caravantrekker.nl. De combinatie met mijn caravan slaagde met vlag en wimpel. De levertijd was drie maanden, dus nog even wachten. Mijn oudste dochter was meer voor het stoere gegaan en mijn jongste dochter vond dat ik eindelijk weer in een echte auto ging rijden. De verkoper vond de witte auto verreweg het mooist. Zal vast, maar de Peugeot en Nissan waren wit, leuk maar nooit meer. Je blijft wassen. Modekleuren verkopen over een aantal jaren slecht, zeg ik wijsneuzerig.

Het is eind april 2011 en de ANWB KCK (Kampeer en Caravan Kampioen) van mei valt in de bus. Aha, de trekauto van het jaar 2011. Driftig bladeren, en ja de Ford C-max stond er ook bij. Dat was even slikken, hij kwam er maar matig uit. Weliswaar de beste op het gebied van prestaties, maar weggedrag en comfort vielen de experts tegen. Merkwaardig was dat de winnaar de op een na slechtste prestaties leverde. Doet me denken aan een TV die wint met allemaal tienen, behalve voor beeldkwaliteit een zes krijgt. Ik ben weliswaar geen expert, maar dan toch wel een ervaringsdeskundige. Bij het begrip goede trekauto denk ik allereerst aan prestaties (optrekken bij stilstand en inhalen en snelheidsbehoud in de bergen) en vervolgens aan weggedrag (niet slingeren bij vrachtwagens inhalen en weinig zijwind gevoelig). Comfort en doelmatigheid hebben niet veel met een trekauto te maken, maar met een auto in het algemeen en is dus afhankelijk van het soort gebruik. Bij ons zijn de kinderen de deur uit. We hebben aanzienlijk minder ruimte nodig dan voorheen, toen de Seat Alhambra hoog scoorde. Ik vond dat overigens een foeilelijk busje, maar hij was praktisch. Ford heeft momenteel een hele mooie modellen lijn en dat heeft nu wel meegewogen. Ja, ja ik weet het een kwestie van smaak, maar je rijdt een auto 90% van het jaar met een primair doel en zonder caravan.

De laatste dag van mei wordt onze auto afgeleverd. Ik blijf het doodeng vinden om met zo’n kakelverse auto te gaan rijden. Net als de eerste keer alleen de weg op wanneer je net je rijbewijs gehaald hebt. Op de snelweg trap ik het gas wat verder in. De turbo bromt tevreden: “he he, eindelijk wat actie”. Het wordt een hectische week. De caravan moet uit de stalling en voor groot onderhoud. Iedere vijf jaar de banden vervangen is misschien overdreven, maar ik doe dat wel. Ik dring aan op uitgebreide vochtmetingen. Er staat nog een zakentrip naar de USA gepland en met enige angst laat ik mijn nieuwe auto achter op Schiphol. Terug in Nederland blijkt: niets aan de auto en alles ok met de caravan. Volledig vertrouwend op alle detectieogen van de auto parkeer ik mijn auto bij mijn caravan bedrijf. Poef, en een vloek ontsnapt. Een hekje, 20 cm hoog wordt niet gezien door al die prachtige moderne elektronica. Een heel klein deukje onder in de bumper, maar toch. Weer een les geleerd.
En dan is het moment daar dat de caravan achter de auto wordt gekoppeld en we richting Frankrijk vertrekken. De kant van Lot en Garonne op. We rijden de eerste dag maximaal 650 kilometer. Al snel blijkt dat de combinatie subliem rijdt en dat de stoelen voortreffelijk zitten. Dat blijft een gok, want het zitcomfort kan je niet echt testen bij een normale proefrit. Ondanks dat de Ford minder bagageruimte heeft dan de Honda, moeten we nog ruimte weggooien. Zoals gezegd, we zijn ook maar met z’n tweeën. De turbomotor is een absolute aanrader. Vooral het heuvelachtige zuidtraject van de A20 in Frankrijk wordt moeiteloos en zonder schakelen in de vijfde versnelling genomen bij een snelheid van 100 km/uur. De zijwindgevoeligheid is minder dan bij de voorgaande drie combinaties. Ik heb nooit een stabilisator op de koppeling van de caravan gewild. Dan voel je eigenlijk niet meer wanneer de caravan neiging tot slingeren krijgt. Het stabilisatie programma van de Ford is uitstekend en ik heb twee keer gemerkt dat de combinatie gecorrigeerd werd. Binnen een paar seconden weer in het gareel. Een wat vreemde ervaring eerst, maar het went snel en voelt heel veilig aan. We zijn in september nog een keer naar de Provence getrokken, dus de combinatie heeft zijn vuurdoop wel gehad.
Begin oktober komt mijn buurman met de ANWB Kampioen aan zwaaien. Het blijkt dat de Ford C-max tot gezinsauto van het jaar 2011 is gekozen. Ik ben wat verbaasd. Ik kan me auto’s voorstellen die meer bagageruimte hebben voor een gezin met jonge kinderen. Maar wie ben ik. Voor mij is één ding zonneklaar: Ik rijd in de trekauto van de eeuw.